Club van slechte huisvrouwen

Triomfantelijk komen ze ‘uit de kast’: slechte huisvrouwen. Ze hebben een hekel aan huishoudelijk werk, en éindelijk durven ze er voor uit te komen. Sterker nog: ze hebben een speciale club opgericht: De club van slechte huisvrouwen. Wat een bevrijding! En wat stoer om daar zo voor uit te komen!

Maar wat is er eigenlijk zo stoer aan, om je op de borst te kloppen dat je huis een zootje is? Ongetwijfeld is het een teken van deze tijd, waarin arbeidsparticipatie voorop staat, en huishouden en zorg voor kinderen slechts lastige hinderpalen zijn.

Het huishouden is het laatste bastion van het werk in de ‘binnenwereld’. Als dat eenmaal geslecht is kan iederéén in de ‘buitenwereld’ aan het werk. Zorg en huishouden worden dan, conform de consumptiemaatschappij, ingekocht. Maar wordt de ‘binnenwereld’ niet een armzalige plek als er niemand is die er zorg voor draagt? Is je huis dan nog wel een thuis? Een plek waar je je terugtrekt, je veilig voelt, en weer oplaadt?

Persoonlijk komt ik het liefst thuis in een opgeruimd huis, met bloemen op tafel en de geur van verse koffie. Een (t)huis waaraan aandacht is besteed, en dat liefde en warmte uitstraalt.

De Club van slechte huisvrouwen, doet mij sterk denken aan het publiek in het sprookje ‘De kleren van de keizer’. Iedereen roept dat het er schitterend uit ziet, maar feitelijk is er niets te zien.

Het is hoog tijd voor de Club Van Trotse Huisvrouwen. Met vrouwen en mannen die de waarde van de zorg voor huis en haard kennen, en waarborgen! Die níet meedoen aan de consumptiemaatschappij, waarin de zorg voor ‘thuis’ wordt geminacht en uitbesteed.

Zoals Monique Wortelboer al schrijft: ‘Huishouden is de zorg voor het leven’.

Wie wil daar nou ‘slecht’ in zijn!

Speak Your Mind

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: