VanJeHuisHouden


door Irene

Als ik tijdens mijn koffiepauzes over de digitale snelweg surf en meelees op sites met een hoog moedergehalte, zoals bijvoorbeeld Oudersonline, Het Moederfront of fora van Margiet en Libelle, valt me altijd weer op hoe negatief er tegen het huishouden aan wordt gekeken, ook door huisvrouwen zelf!

Zelfs de titel ‘huisvrouw’ is uit de gratie geraakt: huisvrouwen met kinderen kiezen massaal voor de titel ‘thuisblijfmoeder’: thuis voor de kinderen, niet voor het huishouden.

Het lastige is echter dat hoe je je idealen ook definieert, je niet onder het huishouden uitkomt. Zorg je als vrouw geheel en al gratis voor je gezin, dan moet je tegemoetkomen aan hun behoeften en die zijn onlosmakelijk met allerlei huishoudelijke taken verbonden:

Je wilt dat iedereen goed eet, en dus dek je 3x daags de tafel, maak je brood klaar, kook je een warm maal, was je af en doe je boodschappen. Je zorgt ervoor dat de voorraadkasten gevuld zijn en blijven en bedenkt af en toe eens een nieuw gerecht, voor die broodnodige en o zo gezonde variatie. En je houdt de koelkast schoon natuurlijk.

Je wilt dat iedereen goed gekleed gaat, dus ontkom je niet aan het in de gaten houden van de maten van je kinderen en de slijtage op de kleding van jou en je man. Je wast, droogt, vouwt en bergt op en wie weet naai en brei je er ook wel eens bij.
Om voor een schoon gezinnetje te zorgen leg je frisse handdoeken neer in de badkamer en zorgt voor shampoo, badschuim, bodylotion, zeep, deodorant, tandpasta, goede tandenborstels, noem maar  op.
En om ook allemaal lekker te kunnen slapen maak je elke dag weer de bedden op, lucht ze af en toe eens lekker in het raam en verschoont op tijd.

En dan heb je nog de zorg voor de toiletgang: wcpapier, luiers, maandverband, potjes, verkleinbrillen, opstapjes, natte doekjes, wat levert het een werk op als je kinderen nog geen gebruik maken van de wc zoals jij dat gewend bent! Ik ben één van de enthousiaste gebruikers van katoen dus voor mij hoort de luierwas ook bij dit terrein.

Om het risico op ziekten nog verder in te perken moet je ook nog alles schoonhouden. De keuken, de wc, de badkamer, de woonkamer en de slaapkamers. En dan heb je, vooral in jonge gezinnen, ook nog zó vaak spullen die je niet langer gebruikt en die je weer kwijt moet zien te raken; voor je het weet is de zolder vol en kun je geen fiets meer je bijkeuken in wringen. In mijn huishouding gaat daar veel tijd inzitten.

Allemaal huishoudelijk werk wat eigenlijk gewoon betekent dat je zorg draagt voor de lichamelijke opvoeding van je kinderen, de basis die ze nodig hebben.

Weerstand

Wat zorgt er dan toch voor dat veel vrouwen zo’n grote weerstand voelen tegen die vorm van zorgen? Eén oorzaak zal vast zijn dat fysieke arbeid laag op de maatschappelijke ladder staat. Het betaalt slecht en je hebt er geen hoge opleiding voor nodig. Sinds de opheffing van de huishoudschool héb je er niet eens een opleiding voor, al zou je het wél nodig vinden. (Tenslotte lees ik heel regelmatig ‘Ik ben gewoon niet góed in huishouden, nooit geweest, ik heb er geen talent voor’.) Niet zelden moet die verdediging overigens een wél aanwezig rijk geestelijk talent suggereren, alsof je niet slim én goed in huishouden kunt zijn. Net als kiezen tussen mooi of intelligent.

Een andere oorzaak is die toestroom van vrouwen op de arbeidsmarkt. Voor elke vorm van betaald werk is meer waardering dan voor het huishouden, ook al is het schoonmaakwerk. Wat ook de reden zal zijn dat mannen niet evenredig méér tijd in de huishouding zijn gaan steken als de vrouwen in betaald werk.

En er zijn meer zaken die het huishouden hoogst onaangenaam kunnen maken. Eén ervan is het gebrek aan waardering, niet alleen maatschappelijk, maar zelfs van je eigen gezin, waar je het allemaal voor doet. Een man die geen oog heeft voor je noeste arbeid maar wel zeurt over wat je níet doet, haalt zelfs het grootste gevoel van voldoening onderuit.

Paradox

En wat met kleine kinderen zo’n lastige paradox is, is dat ze enerzijds onnoemelijk veel extra huishoudelijk werk geven (zoals daar waren die luierwas, maar ook volgeplaste bedden, limonadeplasjes onder de bank, elke avond de keukenvloer onder de etensresten, 8 x per dag het rondslingerend speelgoed opruimen om je nek niet te breken, veel vaker schone kleren, bijhouden wie wat wél lust zodat er tenminste iemand eet en noem maar op!) maar je anderszijds geen enkele gelegenheid bieden dat ook allemaal op te knappen. Tenminste, de mijne niet. Filmpjes moet ik opzetten, drinken pakken,  neuzen en billen afvegen, de zandbak openzetten, laarzen aantrekken, koekjes verstrekken, de punteslijper zoeken. En dáár zit ‘m het leeuwedeel van mijn dag in, tussen de andere klussen door.

En helemaal lullig is natuurlijk ook dat je nooit echt kláár bent. Ik had in de kraamweek van de jongste een Gouden Kraamverpleegster die op een middag om drie uur aan de keukentafel ging zitten met haar jas over de stoel. “Zo, ben je klaar?’ vroeg ik, jaloers (nog maar drie uur en alles al klaar!) en ze antwoordde met de onvergetelijke woorden: “Nee, maar ik hou ermee op.”

Maar al die factoren die het huishouden onaangenaam maken, hebben op zich niets te maken met het werk zelf, en dat onderscheid wil ik toch graag maken!

Toen ik nog single was

Toen ik nog kind- & partnerloos door het leven ging, had ik helemaal geen hekel aan het huishouden. Integendeel. Ik waste op maandag, traditioneel en genoot ervan als ik de schone was aan de rekjes van mijn balkon te drogen hing. Na gedane arbeid zat ik daar heerlijk in het zonnetje van de geur te genieten. Boodschappen deed ik toen elke dag, in de winkel om de hoek en omdat ik maar een klein inkomen had, was het ook elke dag puzzelen wat ik van het budget kopen kon. Dat was niet vervelend, dat was een sport! Ik heb in die tijd heel wat experimentele gerechten bedacht!

Ook ‘deed’ ik elke dag een kamer. En dan vond ik het zalig om in de geur van driehoekzeep rond te lopen, schrobschrob poetspoets alles te gaan zien glimmen en ’s avonds in mijn heerlijk frisse slaapkamer te gaan liggen. Met name als ik die avond op stap ging kreeg de slaapkemr een grote beurt en verschoonde ik het bed, zoog, poetste de meubels en ruimde lekker op.

En vóór ik dan in het holst van de nacht dronken mijn bed inviel, douchte ik nog even. Wat een genot!
In een jeugdboek las ik, inmiddels in de twintig, eens van een jongen die op 14-jarige leeftijd bij zijn tante moest gaan wonen. Bij binnenkomst constateerde hij tot zijn verheuging dat het huis van zijn tante rook naar schoon linnen, zeep en boenwas. Hij voelde zich thuis. En dat deed iets met mij. Ik wou ook een huis dat rook naar fris linnen, zeep en boenwas.

Mijn Target

Nu is het helaas nog nooit zover gekomen, maar dat streven is gebleven. En mark my words, als ook de jongste naar school gaat haal ik mijn target. Ook ik stel mijn doelen, al lijkt het nergens op in de conversatiekring van een feestje. Je mág een schoon huis niet belangrijk vinden, dat is not done. Maar ik herinner me het thuisgevoel van vroeger, het geluid van een draaiende wasmachine, de geur van gemaaid gras, de plantloze vensterbank en de bank in het midden van de kamer als mijn moeder de ramen lapte en ik voelde me daar fijn bij. Zo’n thuis wil ik voor mijn gezin ook.

En het belangrijkste: ik hóu van het huishouden. Een naar oude urine stinkende wc omtoveren tot een glimmend en fris plasparadijsje geeft een voldaan gevoel. Van een droogmolen vol wapperende witte luiers word ik blij. Ons zoontje roept zelfs enthousiast ‘Wat maak jij dat mooi mama!’ als ik de vloer dweil en voor het effect met een droge doek oppoets. Ruiten waar je ineens weer doorheen kan kijken geven een vrije en opgeruimde geest. Als ik het ’s avonds wat koud heb gekregen, geniet ik ervan met mijn handen in het warme sop van de afwas te staan.

Leer je kinderen voor zichzelf te zorgen

En het is mooi om te zien dat de kinderen mee willen doen als je er zelf ook lol in hebt. Onze oudste van vier vouwt graag was, die mag alle vierkante lappen vouwen. En ze helpen allebei met het opbergen van de afwas, de oudste laat de jongste zien waar alles staan moet. Het is een van mijn grootste doelen om de kinderen te leren hoe ze voor zichzelf moeten zorgen, want het gebrek aan leerschool brak mij fiks op toen ik op mijn zeventiende op mezelf ging wonen en echt helemaal níets kon!

Ik had een zorgzame moeder die alles zelf deed, en als jongste had ik niet veel hoeven meehelpen ook. Dus ik heb mezelf moeten leren koken, wassen, budgetteren, van alles! Ik wil mijn kinderen wat beter beslagen ten ijs sturen. En bovenal wil ik ze meegeven dat het zorgen voor jezelf of voor een ander beslist plezierig is, omdat het fijn is om te geven. Als huisvrouwen ben je essentieel voor het welzijn van je gezin en als je dat elke dag goed beseft, groeit je waardering voor je werk vanzelf.

Leave a reply

CommentLuv badge